Anna van Suchtelen

portfolio_menu
portfolio_menuportfolio_menuportfolio_menuportfolio_menu
Anna van Suchtelen

click here for English portfolio
toelichting bij filmpremičre Cocon, 16 december 2007
‘Literatuur is het talent om over ons eigen verhaal te kunnen praten als was dat het verhaal van anderen, en over de verhalen van anderen als was dat ons eigen verhaal. Om dat te kunnen bereiken begint onze reis met de verhalen en boeken van anderen.’

Afgelopen week las ik dit boekje in de trein: Het valies van mijn vader, de lezing die Pamuk hield bij het aanvaarden van de Nobelprijs voor literatuur, precies een jaar geleden. In dit citaat over het schrijverschap heeft hij het over de ontdekking van de ‘onontbeerlijke regel van goede literatuur’. Wat mij betreft overstijgen deze woorden de literatuur. Ik lees ze voor omdat ze toevallig precies uitdrukken wat ik in de film Cocon heb geprobeerd te laten zien en horen: het inwisselbare van het persoonlijke en het algemeen geldige verhaal.

Deze film is het resultaat van een werkperiode in de Kas, en dit is wat ik achterlaat voor Lusthof Utrecht. Aan mij was gevraagd de tuin als uitgangspunt te nemen. Ik begon met een onderzoek naar de geschiedenis van deze tuin, hier aan de Maliebaan. Ik ging naar het Utrechts Archief en het Kadaster. Ik zocht naar nazaten van de laatste bewoners van dit huis, die in 1950 vertrokken zijn, ik vond hun inmiddels bejaarde kleindochter en interviewde haar terwijl we van kelder tot zolder en door de tuin liepen. Ik nodigde een tuinarchitect en een fysisch geograaf/archeoloog uit boringen te verrichten in de grond. Zij lazen de aarde als een boek. Ik maakte van winter tot najaar foto’s van beplanting in de tuin, om de seizoensovergangen in kaart te brengen. In deze serre richtte ik mijn onderzoeksbureau en archief op. Dit was het Kas-filiaal, waarin ik als een archivaris te werk ging. De kas zelf, waarin ik de boorkernen verzamelde en bezoekers uitnodigde, gebruikte ik als filmstudio, een laboratorium voor een onderzoek naar de tijd.

Via archiefonderzoek, interviews, bodemmonsters en een tijdtunnel drong ik door tot het verleden. Ik startte met het openen van de aarde. De filmcamera boort zich een weg door bodem- en tijdlagen, om uit te komen in de tijd waarin de zijderups leefde op deze plek. In 1837 was hier de Maatschappij voor de aankweeking van den witten moerbezienboom, de opvoeding van zijdewormen en de zijdeteelt gehuisvest, en in die tijd bleef ik steken. Hier hadden vroeger moerbeibomen gestaan, waarvan de bladeren voedsel zijn voor de zijderupsen. De zijderups als symbool voor verandering en overgang: dat vond ik een mooi aanknopingspunt voor mijn film.

Via het verleden wilde ik een brug slaan naar het heden. Alle bezoekers aan de tuin vroeg ik hun verhaal over een eigen tuin op te schrijven, op moerbeipapier. De Kas werd schrijfhuis. Zij sponnen die verhalen in, zoals je in de film kon zien. Deze verhalen ontpopten: de cocons werden doorgeprikt en daarmee geoogst. De film eindigt met het zaaien van de verhalen in de grond van de tuin, en het toedekken van het zaad met aarde uit de grondboringen. Dit is aarde uit de tijd van de moerbeiboomgaard, en nog veel verder terug. Tot slot krijgt het zaad water, wat een belofte inhoudt voor een vruchtbare toekomst.

De film beschrijft een cyclus. Het boren, waarbij de camera als een tijdmachine te werk gaat, het schrijven en het zaaien verbinden vroeger, nu en later. Ik heb het onderzoeksmateriaal van mijn Kas-periode uitgeleend aan de vormgevers die de afgelopen weken in de Kas hebben gewerkt, en misschien zijn zij doorgegaan op dit materiaal. Misschien zullen we dat zodirect in het debat te horen krijgen. Mocht dat zo zijn, dan zijn ook verschillende werkperioden in de Kas met elkaar verbonden: in het onderzoek naar de geschiedenis van deze plek en de betekenis daarvan voor nu.

De voice-over in de film is een compilatie van alle verhalen die in de Kas geschreven zijn. In reacties op de film hoorde ik dat door deze voice-over het idee wordt gewekt dat het om 1 verhaal gaat. En dat is de bedoeling. Al die fragmenten en losse zinnen, geschreven en verteld door bezoekers in leeftijd varierend van 2 tot 92 jaar, moeten samen 1 oerverhaal vormen, waarin iedereen zich kan herkennen en wat een algemene geldigheid krijgt. Hier ben ik weer terug bij de woorden van Pamuk, over literatuur als het talent ‘om over ons eigen verhaal te kunnen praten als was dat het verhaal van anderen, en over de verhalen van anderen als was dat ons eigen verhaal’. Dit is een verhaal geworden over waarneming, herinnering en geheugen. Een verhaal over het verstrijken van de tijd.

De DVD Cocon is verkrijgbaar bij CBKU en bij Kunstuitleen Utrecht.
bestellen Cocon